Bij Schrijven kun je makkelijk punten verliezen. Kleine gewoontes kosten je dan punten. Weet je hoe de beoordeling werkt? Dan voorkom je de grootste fouten.
Hoe is het schrijfexamen opgebouwd?
Schrijven heeft 12 opdrachten. 8 zinstaken van 2 punten. 2 deelschrijftaken. 2 korte schrijftaken van elk 8 punten. Samen zijn dat 47 punten. Je hebt minimaal 25 punten nodig.
De zinstaken
Bij een zinstaak krijg je vier delen: een begin, een voorzin, een nazin en een slot. Jij maakt zelf de grammatica goed. Bijvoorbeeld: een hoofdzin. Of een bijzin. Of een zin met 'te' en een infinitief.
De deelschrijftaak: een formulier invullen
Bij een deelschrijftaak krijg je een formulier. Je vult de velden in. Bijvoorbeeld je naam en adres. Of een korte uitleg bij een aanvraag.
De korte schrijftaak
Bij een korte schrijftaak schrijf je een kort bericht. Het bericht heeft een duidelijk doel. Vaak krijg je een bron, zoals een advertentie of een e-mail. Jij reageert daarop.
Waar moet je op letten?
De grootste fout: tekst letterlijk overschrijven uit de bron. Dan krijg je 0 punten, ook als de rest goed is.
Twijfel je over de of het? Dat soort fouten telt wel mee. Maar minder dan je denkt. Belangrijker is: geef een goed antwoord op de opdracht. Doe je dat niet goed? Dan beoordeelt de examinator de rest van je antwoord niet meer.
Oefen met echte schrijftaken
Bij Inburgerify oefen je zinstaken, formulieren en korte schrijftaken. Je krijgt AI-feedback op je antwoord en je taalgebruik.
Maak een gratis account aan